Op weg
Op weg
Vanmorgen hebben we onze auto gekregen. Hun spel voor de borg met de Visa-kaart werkte vaneigens weer niet dus maar een klassieke “slip” gemaakt. Voor mij is dat beter, want bij aankomst verscheuren ze die dan en ben je zeker dat er niets van je rekening gaat.
Om een uur of 9 zijn we dan vertrokken, allee, we hebben toch een redelijke poging gedaan.
De moeilijkheidsgraad was dit jaar nog wat hoger.
Punt 1: in Thailand rijden ze links, dat is al niets niks om aan gewoon te geraken. De eerste ker dat je in de auto wil stappen zit je op de passagierszetel. Allez vooruit, als je wil rijden moet je rechts instappen.
Punt 2: de auto heeft een automatische versnellingsbak.
Ik wil er voor wedden dat alle boksers met een auto met automatische versnellingsbak rijden. Waarom? De eerste keren dat je wil stoppen zit je natuurlijk ontkoppelen, dus zit je automatisch met je linkervoet op het rempedaal. Patat, met twee met onze neus tegen de voorruit. In het eerste uur hebben we de voorruit een paar keer van zeer dichtbij gezien.
Maar dat went en links rijden ook. Enig nadeel is dat de richtingaanwijzers ook aan de rechterkant van het stuur zitten, dus in het begin hebben de ruitenwissers heel goed gewerkt.
Eerst zijn we naar een tempel geweest die in de bergen ligt. Dan zijn er nog zo’n 200 trappen te doen om er te geraken. Maar we hebben dit goed verdeeld. Ik naar boven met de trap en Carine met de kabellift en om naar beneden te komen andersom.
Miljaar, is het weer warm, ongeveer 40 graden.
Beneden gekomen zijn we wat gaan drinken. Een grote Pepsi en een grote water. Prijs: 30 baht (= 0,70 €).
Hopla en wij weer weg. De reis vandaag is niet erg lang, zo’n 95 km. We gaan wel naar de bergen. Onderweg nog een paar keer gestopt (sigaretje en een drankje) en dan nog eens naar de Mae Sa watervallen geweest. Dat is een serie van 10 watervallen. De laatste hebben we wel niet meer gedaan. Dan ben je heen en terug zeker 4 uur onderweg.
In de late namiddag naar ons hotel gereden, Marisa Resort. Dat is een heel groot terrein met allemaal verspreide bungalows, steeds met een terras boven een vijver. Volledig in de wilde natuur.
Je kunt het dus al raden: wat is de grootste gemene deler tussen veel vijvers (stilstaand water) en tropische plantengroei ? Juist: muggen!
Voor mij valt het nog redelijk mee, maar ondertussen is Carine al een wandelende puist geworden. Ik vrees dat melaatsheid toegeslagen heeft maar er vallen nog geen stukken af dus zullen het wel “gewone” beten zijn. Ter verduidelijking: als je hier een beet hebt, dan zijn de bulten ongeveer x10 vergeleken met bij ons, je kan dus denken… Ik zal dus geen foto op de blog zetten.
We zijn nog ’s avonds heel lekker gaan eten in Chiang Dao. En dan ons bedje in. Met muskietennet wel te verstaan.
Tot morgen.
Carine en Eddy.
Reacties
Reacties
ze zal toch geen malaria hebben zeker ?
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}